Wat is volgens God het rechte pad?
Het is geen deugd als je jouw gezicht naar het Oosten en het Westen wendt. Maar deugd is: iemand die gelooft in God, en de Laatste Dag, de engelen, de Boeken, de profeten, en geeft, ondanks zijn liefde voor rijkdom, aan familieleden, wezen, behoeftigen en reizigers, en degenen die erom vragen, en om slaven te bevrijden; en die de plicht hoog houdt en de zuiverheid onderhoudt; en degenen die zich aan hun verbond houden als zij een verbond sluiten; en de geduldige in ellende en tegenspoed, en tijdens conflicten: zij zijn degenen die oprecht zijn; en zij zijn degenen die verstandige angst koesteren. (2:177)
Moslim: iemand die zich volledig onderwerpt aan God.
- Erkennen dat er slechts één God is, zonder partners aan Hem toe te schrijven. (2:163) (3:2) (3:6) (3:18)
- Jezelf onderwerpen aan God. Je nederig en bescheiden opstellen voor God, Degene die jou gemaakt heeft. (2:112) (2:131) (3:20)
- Vasthouden aan God en Zijn Beloftes. (3:101) (4:175) (3:194)
- In God geloven en God dienen. (3:51) (19:36) (36:61) (43:64) (52:62)
- Vertrouwen op God, mijn Heer en jouw Heer. (11:56) (3:51) (11:56)
- Weten dat God weet wat je doet. God hoort jou (58:1) (26:15), ziet jou (2:110) ( 40:44 ) (64:2), kan jouw gedachten en verlangens lezen (3:29) (4:63) (50:16), kent jouw diepste geheimen (2:77) (9:78) (86:9),…
Hoe kan je God dienen? - De goedkeuring van God zoeken door middel van jouw daden. (2:148) (5:16) (23:61)
Eenheid van God - Bidden naar God. (7:55) God herinneren. (3:102) God om hulp vragen. (1:5) Leiding vragen aan God. (1:6)
- Afgoderij afwijzen. (2:22) (3:64) (4:48)
- Geen enkele zaak boven God stellen. Dit betreft zowel profeten, als materiële zaken, alsook jouw ego. (2:165) (6:1) (14:30)
- Beseffen dat God vrij van nood is. God heeft geen voedsel nodig, geen slaap, geen aanbidding. Wij hebben God nodig en zijn volledig afhankelijk van Hem. (2:255) (35:15) (39:7)
- Glorie geven aan God. (32:15) (33:42) (48:9)
- Engelen zijn dienaren van God. Ze doen wat God hen opdraagt. Ze hebben geen speciale krachten (behalve wat God hun gegeven heeft) en delen niet in Gods Absolute Macht. (3:18) (3:80) (13:13)
Uitgeven - Uitgeven van waarmee God jou heeft voorzien. Aan het familielid geven wat hem toekomt, en de behoeftigen, en de reizigers. (30:38) (64:16) (3:92)
- Jezelf beschermen tegen de hebzucht van jouw ziel. (59:9) (64:16) (89:19)
- Niet opgaan in de vergankelijkheden van het leven, zoals: geld, huizen, gronden, auto’s, status, macht, … (8:28) (18:46) (11:15-16)
- Niet strijden om het vergaren van rijkdom. (4:29-30) (89:120) (26:88)
Kritisch denken - Het rechte pad nemen en niet blindelings andere mensen volgen. (10:89) (6:116) (33:67)
- Steeds kritisch denken en niet zomaar alles aannemen van anderen. (5:58) (17:36) (8:22)
- De duivel is jouw vijand, neem hem als jouw vijand. (2:168) (2:208) (4:119)
- Toevlucht zoeken bij God tegen de duivel. (16:98) (23:97-98) (41:36)
Dankbaarheid uiten naar God toe - Dankbaar zijn voor Gods Gunsten. (2:164) (16:121) (13:4)
- Dankbaar zijn voor de voorziening (eten, drinken, loon,…) die God jou geschonken heeft. (35:3) (11:6) (26:62)
- Reflecteren over Gods creaties en jouw eigen creatie. (45:4) (31:28) (35:11)
Luisteren naar Gods Waarschuwingen - In Gods Boeken geloven. (2:176) (2:213) (3:81)
- Gods Boeken lezen en hier lessen uit trekken. Gods Woorden toepassen op jouw leven. (2:121) (2:269) (2:285)
- Jouw hart nederig maken voor God. (11:23) (22:54) (23:2)
- Acht slaan op de waarschuwingen van God. (2:48) (22:54) (2:123)
- In de Dag van het Oordeel geloven, weten dat deze Dag er echt aankomt en hier niet aan twijfelen. (37:19-20) (43:16) (82:17-19)
- Jezelf zo goed mogelijk voorbereiden op de Dag des Oordeels. (59:18) (69:24) (82:5)
- Geloven in de hel (81:12) ( 83:16) (56:92-96) en de hemel. (4:122) (5:119) (7:42)
- Weten dat God over jou zal oordelen. (1:4) (6:62) (12:40)
Vergeving vragen aan God - Een recht pad naar God nemen en vergeving aan God vragen voor jouw zonden. (4:106) (41:6) (28:67)
- Bang zijn voor God, luisteren en gehoorzaam zijn aan God. (2:21) (3:102) (64:16)
Omgang naar anderen toe - Vriendelijke omgang met alle mensen, ongeacht of ze hetzelfde geloof hebben als jij. (2:195) (6:108) (20:130)
- Rechtvaardig handelen. (5:45) (7:85-87) (16:125-128)
- Jouw ouders respecteren (2:83), tenzij ze jou vragen om deelgenoten aan God toe te kennen; in dit geval mag je hen niet gehoorzamen. (4:135) (29:8)
- Uitnodigen tot het goede, het goede voorschrijven en perversiteit verbieden. (3:104) (3:114) (9:112)
- De mensen in jouw omgeving waarschuwen. (6:19) (6:51) (26:214) Waarschuwen voor de straf van God. (14:44) (18:2) (19:97-98) Waarschuwen voor de Dag van Spijt. (19:39) (40:18) (42:7)
- Jezelf afzonderen van de afgodendienaars. (6:106) (10:105) (15:94)
- De afgodendienaars niet als bondgenoten nemen. (3:28) (3:118) (4:139)
- Opkomen voor jouw geloof en opkomen voor de waarheid. (5:54) (34:46) (9:119)
- Kuisheid (2:43) (2:277) (23:4), loyaal zijn aan jouw echtgenoot/echtgenote (4:23-25) (30:21) (25:74), bescheiden kleden en jouw blik neerslaan. (23:5-6) (23:30-31) (70:29)
Vasten - Vasten. (2:183-187) (4:92) (5:89)
Zelfreflectie - Niet opscheppen en arrogant zijn. (8:47) (11:10-11) (31:18)
- Verantwoordelijkheden nemen voor jouw daden. (17:13) (35:18) (52:12)
- Geduldig zijn in moeilijke tijden. (2:155) (13:22-24) (16:96)
Het volgen van het rechte pad omvat eveneens het vermijden van zaken die God voor ons heeft verboden. Hiervoor verwijs ik jou graag door naar mijn vorige artikel: https://koranalleenmoslim.wordpress.com/2024/09/05/wat-is-er-precies-verboden-volgens-de-koran/
Voor christenen: - Stoppen met zeggen dat God een zoon heeft. (3:171) (5:72-76) (5:116)
- Stoppen met zeggen dat God deel uitmaakt van een drievuldigheid. (3:171) (5:73) (4:171)
- Stoppen met het aanbidden van Isa Ibn Maryam (Jezus) en Maryam. (Maria) (3:171) (5:72-76) (6:31)
- Stoppen met het aanbidden van afgoden. Er is één God. (6:102) (20:8) (20:14)
- Stoppen met zeggen dat Isa Ibn Maryam gestorven is aan een kruis. Het wordt aangenomen dat de gelijkenis van Isa op een andere man viel, die in zijn plaats werd omgebracht. (4:157)
- Stoppen met zeggen: “Niemand zal het paradijs betreden tenzij hij een Christen is.” (2:111)
- Geen onderscheid maken tussen de profeten. (3:84) (2:136) (2:285)
Voor joden: - Stoppen met zeggen dat ze Gods uitverkoren volk zijn. (62:6-7)
- Stoppen met het veranderen van Gods Boek de Torah. (2:75) (5:13) (62:5)
- Stoppen met zeggen: “Niemand zal het paradijs betreden tenzij hij een Jood is.” (2:111)
- Stoppen met claimen dat ze Isa Ibn Maryam (Jezus) hebben doodgemaakt. (4:157)
- Geen onderscheid maken tussen de profeten. (3:84) (2:136) (2:285)
Wat staat niet in de Koran en is dus geen onderdeel van het geloof? - Adhan (oproep voor gebed)
- Allahu Akbar zeggen
- Hoe je jouw handen moet houden tijdens het gebed
- Verplichte bewegingen tijdens het gebed
- Verplichte zinnen tijdens het gebed
- Verplichte richting waarin je dient te bidden
- Zwarte doos in Mecca
- Buigen naar de zwarte doos in Mecca
- Hadieth (zie: https://koranalleenmoslim.wordpress.com/2024/08/16/in-wiens-voetsporen-treden-we-nu-eigenlijk/)
- Zegening sturen naar profeet Mohammad
- De namen van profeten mentioneren in gebed
- Blindelings imams volgen
- 5 vaste tijdstippen om te bidden
